9 jul. 2015

Guest Story #3

Hey mooie mensen,
Ik keek wat rond, en zag dat dit verhaal ook nog openstond op mijn blog. Ik heb Howlingpuppy gevraagd om nog een stukje voor het verhaal te schrijven, en ze stemde in. Dus hier hebben jullie het volgende stukje van "Redding". Enjoy!

Ik zat in mijn kantoor een boek te lezen over mythes en verhalen die met de maan te maken hebben. Ik wil nog steeds weten hoe ik niet dood ben en hoe het zit met de maan en alles. Ik zoek al naar een verklaring sinds ik hier woon en ik ben nog steeds niet dichter bij een antwoord gekomen. Ik zuchtte en sloot het boek en stond op. Ik liep uit mijn kantoor en sloot het slot achter me.

´Wat doe je daar nou eigenlijk?´ hoorde ik een stem achter me vragen. Ik draaide me met een ruk om.

´Isa! Hoe vaak moet ik je nog zeggen dat je daarmee moet stoppen!´ ik liep door de hal en hoorde dat ze me volgde.

‘Sorry, maar wat doe je daar nou? Je zit er best vaak, maar je doet de deur steeds achter je op slot.’ zei ze en we liepen de hoek om, naar de trap. ‘Waarom mag ik het niet weten?’

‘Het is niet dat je het niet mag weten, maar je zal er gewoon niks aan hebben.’ zuchtte ik.

‘Maar ik wil het weten.’ drong ze aan.

‘Moet je het echt weten?’ vroeg ik. Ze knikte.

‘Ik zoek uit hoe ik nog levend ben en hoe mijn leven eerst was.’ zei ik, terwijl we naar beneden liepen.

‘Weet je dat dan niet meer?’ vroeg ze.

‘Ik weet niks meer, behalve dat ik 7 was toen ik werd vermoord, en dat ik een vader en moeder had.’

‘Is dat waarom je me nooit je naam hebt verteld? Omdat je hem niet meer weet?’ vroeg ze, waarop ik ja knikte.

‘Waarom heb je er eigenlijk nooit naar gevraagd?’ vroeg ik toen we op de bank gingen zitten.

‘Geen behoefte aan gehad, ik dacht dat je er gewoon niet over wou praten en ik wou je niet boos maken.’

Ik knikte en we praatten er niet meer over, totdat het avond was.

Ik liep naar de binnentuin, zoals ik elke avond doe, en ging zitten op het bankje waar ik altijd op zit ,en ik keek naar de maan die scheen. Isa ging naast mij zitten en keek ook naar de maan.

‘Waarom kijk je altijd naar de maan? Ik snap dat de maan met je spreekt enzo, maar je kijkt er echt altijd naar.’

‘Als ik naar de maan kijk, zie ik niet gewoon een grote bol in de lucht. De maan brengt hoop. Hij komt altijd terug en straalt dan altijd weer even fel. En zelfs al zie je hem niet, je weet nog dat die er is. De maan heeft een duistere kant, maar die zien we nooit. We zien alleen de lichte kant.’ vertelde ik en Isa knikte.

Voor een moment bleven we stil totdat er een luid gekraak door de stilte heen brak.

‘De poort. Er is iemand.’ zei ik, terwijl we opstonden. Ik greep mijn mantel en deed de muts op terwijl Isa een mes pakte. Ik keek haar vragend aan.

‘Wat?! Ik moet me kunnen beschermen.’ ik knikte en we liepen naar het raam. Ik was verbaasd toen ik een groep mensen zag bij de poort. Ze hadden wapens en er zat bloed op hun kleren. Ik wachtte voor de wolven, maar ze kwamen nooit. Toen werd het me duidelijk waarom er bloed zat op hun kleren. Ik gromde, die wolven deden niemand iets kwaad. Isa legde een hand op mijn schouder om me te kalmeren, maar het had toch geen zin meer.

Ik liep weg en ik hoorde dat ze me volgden. Ik liep snel de trap op en toen naar het eind van de gang om de volgende trap op te gaan, en toen ik hoorde dat de deur werd ingetrapt. Ik draaide me om en pakte Isa’s arm en liep zo snel mogelijk door.

‘Waar ben je? Denk maar niet dat je je kunt verstoppen! Als je nu naar buiten komt zal ik erover na denken om je te sparen.’ schreeuwde een mannelijke stem, terwijl ik meerdere zware voetstappen door mijn thuis hoorde lopen. Een traan liep over mijn wang, terwijl ik moest aanhoren hoe ze mijn thuis vernietigden. Ik trok Isa mee de trap op, liep zo snel mogelijk naar het raam van de zolderkamer en ik opende het.

‘Snel, we hebben niet veel tijd. Als we aan de zijkant van het gebouw klimmen en zo snel mogelijk weg komen, hebben we misschien een kans. Ze zullen niet naar de buitenkant van het gebouw kijken. Wees zo stil mogelijk. Als jij eerst gaat zal ik volgen, maar ik moet wat tijd rekken.’ fluisterde ik snel als ik Isa door het raam duwde en ik zorgde dat ze snel naar beneden klom.

Ik draaide me om en sloot de deur zo veel mogelijk af, ik deed alles zo stil mogelijk en sprong daarna uit het raam. Mijn handen grepen de randen van het raam en ik greep naar binnen, naar de deur van het raam, sloot het en begon zo snel mogelijk af te dalen.

Ik bereikte de grond en zag Isa daar op me wachten. We slopen snel op de muur af en ik duwde Isa omhoog op de rand van de muur en ze trok me omhoog. We sprongen er aan de andere kant vanaf en we renden weg. We stopten een tijdje later om even te rusten. Ik keek omhoog naar de maan en zag zwarte rook in de lucht.

‘Ze hebben alles in brand gestoken…’ fluisterde ik. Ik voelde een hand op mijn schouder en keek omhoog naar Isa. Een traan rolde van mijn wang toen ik haar in een knuffel trok en haar zo stevig mogelijk vasthield. Zij is het enige wat ik nog heb en ik zal haar niet laten gaan.

‘Als we willen overleven moeten we gaan.’ zei Isa en ik knikte. Ik keek nog een keer achter me voor ik me omdraaide en daarmee alles wat ik had achter me liet. We begonnen te rennen, op weg naar onze nieuwe levens.

TO BE CONTINUED...

Hopelijk vonden jullie het leuk om te lezen, ik in ieder geval wel.'
Comment, share, vote, love, follow Howlingpuppy on Wattpad.

Kisses, Isa

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen