16 feb. 2015

Guest Story #2

Isa: Dit verhaal is in hele goede aarde gevallen, dus ik heb overlegd met de schrijfster. Zij vond het leuk om het verhaal voort te zetten. Dus af en toe komt er een verhaaldeel uit 'Redding' op mijn blog. Ik hoop dat jullie het allemaal leuk vinden, ik in ieder geval wel. Kusjes!

Een paar weken later

Ik liep de trap af op weg naar de lounge, toen ik ineens een geluid hoorde uit de voortuin. Ik deed de muts van mijn mantel om en rende naar buiten. Ik keek rond en zag Isa op de grond midden in tuin bezig met de planten. ‘Je weet toch dat die planten dood zijn, hè?’

‘Nog niet helemaal, ze hebben gewoon wat zorg nodig.’ zei Isa. Een lach verscheen op mijn gezicht. Soms is het alsof zijn geen slechte dingen kan zien. Ze is gewoon bijna altijd blij, en ik vraag me af hoe ze dat voor elkaar krijgt. Mij zou dat nooit lukken, voor mij is de wereld een duistere plaats met maar een paar lichtpunten, zoals Isa voor mij.

Ik zuchtte, niet om iets negatiefs, maar omdat alles eindelijk een stuk vrediger lijkt. Ik liep weer naar binnen en ging op weg naar de lounge. Ik nam plaats op een stoel bij het raam en pakte het boek op het tafeltje naast me. Het boek gaat over mythes gebaseerd op de maan en de zon. Ik probeer al erg lang te zoeken naar een antwoord op hoe ik nog kan leven. Niet dat ik het erg vind, ik leef tenslotte nog. Maar het zou niet erg zijn om te weten hoe dit allemaal is gebeurd.

Na een tijdje lezen keek ik naar de klok, het was bijna vier uur. Ik keek op de kalender er naast en zag dat het vanavond Halloween was. Ik zuchtte, want elk jaar komen er groepjes tieners die telkens weer dingen kapot maken en in mijn domein komen. Vorig jaar was de villa bekogeld met eieren, was alles vertrapt en lag er overal afval. Halloween is geen goede dag voor de villa en de bewoners.

Ik liep weer naar buiten, weer met mijn muts op. Ik liep op Isa af en nam haar mee naar binnen. ‘Vanavond is het Halloween,’ begon ik. Maar Isa begon op en neer te springen, dus sleepte ik haar mee naar de bank en ging ze zitten. Ik ging tegenover haar zitten. ‘Elk jaar met Halloween komen er groepjes kinderen die de villa bekogelen met van alles en proberen binnen te komen en dingen kapot maken, dus we moeten vanavond goed uitkijken. Alle lichten in de hele villa moeten uit en alles moet op slot.’ zei ik en Isa knikte.

‘Dus we gaan dus niks leuks doen?’ zei Isa een beetje teleurgesteld en ik knikte. Ineens lichtte haar gezicht op. ‘Misschien kunnen we wel wat leuks doen, dat ook nog eens de villa zou kunnen helpen.’ zei ze blij en ik keek haar aan met een vragende blik. Isa sprong op van de bank en begon het uit te leggen.

‘We kunnen de mensen bang maken, met allemaal geluiden, en we kunnen alles er zo eng mogelijk uit laten zien. Zie het voor je, schaduwen die voorbij de ramen lopen, krakende geluiden. En misschien kan jij wel ergens staan, op een donkere plek met je mantel, ik bedoel, je kan er best eng uitzien. In het begin vond ik je best eng toen je de villa uitkwam en zo gromde.’

Ik knikte en kreeg een enge glimlach op mijn gezicht. ‘Ik hou wel van de manier waarop jouw brein denkt.’ We stonden op en begonnen aan de voorbereidingen, dit wordt hilarisch, eindelijk een beetje wraak! De hele middag was vol voorbereidingen voor die avond. Toen het avond was en we in de verte gelach hoorden namen we onze plaatsen in.

Ik nam mijn plaats in bij de voordeur terwijl Isa bij wat touwen stond. Zodra de tieners dichterbij kwamen trok Isa aan de touwen en kwamen er wat kraakgeluiden van de trap. We hadden touwen vastgemaakt onder de houten trap en hadden die via gaten omhoog naar de begane grond gebracht. We hoorden wat gegil, maar nog kwamen de mensen dichterbij. Er werd een hand op de deur gelegd. Ik begon tegen de deur aan te rammen met mijn vuisten en schopte er tegen, terwijl ik gromde als een of ander monster.

De mensen buiten waren aan het schreeuwen terwijl Isa een glas oppakte en die keihard op de grond kapot gooide. We hoorden meer schreeuwen. We deden het licht in de lounge aan. Ze konden niet naar binnen kijken door een doek dat ervoor hing, maar toen ik met mijn muts op voorbij het doek liep kwamen er nog alleen meer schreeuwen. Ik liep verder naar de kant waar mijn schaduw heen liep en ging zo langzaam mogelijk door een raam heen naar buiten terwijl Isa meer geluiden maakte en gilde.

Ik liep langzaam de voortuin in naar een oude wilgenboom, ging eronder staan en checkte of ik was gezien. Gelukkig, niemand zag me. Ik checkte of mijn muts goed zat, tilde mijn arm op en wees naar de groepjes tieners die zich hadden verzameld. Ik begon te schreeuwen. Al snel keken alle mensen naar mij en begonnen te gillen. Ik liep een paar stappen naar voren en de tieners renden allemaal de poort uit. Ik ze volgde tot de poort die de tieners snel weer sloten. Ze bleven een eindje verderop staan. Toen ik de poort bereikte stak ik mijn armen door de poort en begon te grommen en te gillen. De overgebleven mensen renden snel het bos in. Ik liep rustig naar de voordeur die Isa voor me opende en snel weer sloot, zonder gezien te worden.

Toen de deur dicht was en we alles weer hadden opgeruimd gingen we zitten op de bank en keken we elkaar aan. Een paar seconden later lagen we op de grond van het lachen. ‘Zo veel lol heb ik in tijden niet gehad.’ zei ik tegen Isa en ze knikte. We besloten te gaan slapen, want het was niet niks om dit allemaal voor te bereiden en uit te voeren, om het eventjes later allemaal weer op te gaan ruimen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen